vrijdag, november 28, 2008

Die ene tijgernoot

Toen ik nog op het Land Van Ghow viste, de Gavers in Harelbeke, had ik een jaar een stekje aan het achtereind van de 65 hectare grote plas. Ik beviste toen een richel die, evenwijdig aan de oever, een eind uit uit de kant lag. Het moest wel een mooie worp zijn om er te kunnen vissen. Net na het ondiepe plateau in de eigen oever liep het steil af, een diep gat dat niet bevisbaar was. Alle visserij werd dus geconcentreerd op grote afstand. Het liep er niet zo vlot met de actie en één van de redenen was dat ik buren had die de aanzwemroute van de karpers danig wisten te blokkeren (met voeren, wat dacht je?). Ik moest dus vissen als zij er niet waren/voerden en dat was in mijn geval en werksituatie niet gemakkelijk.
Maar goed, één bepaalde week wilde ik eens de respons op tijgernoten proberen, dat was toen nieuw voor mij op deze plas. Op maandag, dinsdag, woensdag en donderdagavond werden er met de télé wat noten en boilies in het rond gestrooid op de richel. De boilies voor het geval dat... en het nodige vertrouwen.
Donderdagavond was traditioneel wieropruimavond. Een hark aan een lang touw voldeed
best. En als je 't Land van Ghow kent weet je dat dit een avondje Werken was, enkel en alleen om je stek voor de volgende avond open te hebben. De week nadien stond alles terug potdicht gegroeid. Wier, wier en nog eens wier.
Maar dan, op vrijdagavond (én visavond dus), waaide en brulde het als een Texaanse tornado! Ik had de wind vlak in 't gezicht. Op zich is dat natuurlijk fantastisch visweer, als visser word je immers herboren met zo'n wind, ware het niet dat ik niet bij m'n stek kon. M'n lood kwam zo terug gewaaid in de felle windstoten, het was te ver. Uitvaren met de télé was ook uit den boze. Alhoewel de boot beter was dan al wat nu op de markt verkrijgbaar is voor het grote werk, ik kon er niet mee varen. Ik kon dus niet behoorlijk vissen maar ik wist dat ik er alleen ging zijn, dus de vissen konden m'n stek aandoen. Het was een kans.
Dus slingerde ik uiteindelijk drie aasjes richting horizon, zo ver ik kon. Ik kon die horizon niet eens zien... Ik verwachtte niks, maar was er nu toch, en 'k wist dat ik bij veel lawaai toch erg goed sliep.
Bijvoeren was niet mogelijk, de boilies die ik met de werppijp wegsloeg kwamen op de wind terugzeilen.
Maar, het duurde niet eens lang, of ik kreeg al beet op links. Ik was aangenaam verrast toen ik de vis geland kreeg, het was dus geen moeite voor niks geweest. Al lang vergeten hoe groot die karper was maar het was de eerste van 8 runs op die ene hengel, die beaasd was met een tijgernootje. De noot zag er na het terugzetten van de vis telkens nog best uit, ze bleef er dus aan en ik slingerde de rig terug het donker in. Door het gieren van de wind kon ik niet eens horen waar m'n lood landde. Voelen hoe diep het er was lukte ook al niet. Het was roeren in dikke soep met een slappe boterham. Maar 't werkte... die ene rig lag blijkbaar ergens op een plek waar bijzonder veel vis passeerde. Dat die het ene tijgernootje vonden was al helemaal super want de andere hengels bleven tot de dag nadien onaangeroerd.
Kort, tegen de morgen aan had ik zes vissen geland en was er twee kwijt in het vele wier wat links en rechts van m'n stek stond. De grootste vis was ergens net onder de vijftien kilo, meen ik me te herinneren.
Doorweekt en uitgewaaid gebruikte ik de zelfontspanner voor een wazige herinnering. Ik keek dus terug op een formidabele nacht... maar het plekje waar ik al die vissen gehaakt heb is nooit teruggevonden, laat staan dat ik wist waar het lag...


Eén van de zes vissen...


Zicht op Ghow na de zware sterfte die het legendarische water ontdeed van z'n geliefde bewoners, een zwart beeld dus...

maandag, november 17, 2008

The Royal Coachmen

Ergens midden jaren '90 werd ik lid van de Eendenmeervissers. Het Eendenmeer lag vlak bij Heusden, waar ik toen woonde. Ik zal er ooit Luc Reygaert vliegvissen met z'n karakteristieke witte streamers, hij was vriendelijk en aimabel, en ik was verkocht aan het werpen. Ik heb er veel geleerd, vrienden gemaakt, maar de sfeer en omgang met het nogal stroeve bestuur was soms niet alles.
Na onenigheid met 't bestuur startten een aantal vliegvissers een nieuwe club op, The Royal Coachmen. Naar het beroemde klassieke vliegje met de zelfde naam. Leo, duivel doe het al op z'n respectabele leeftijd, vond zelfs een meer voor de club, en de nodige mooie forellen werden uitgezet. Het werd een succes en een nieuwe club was een feit.
Ik heb er jaren héél veel plezier gehad, zowel met de vrienden, als met het vissen. Al gauw lagen er een aantal boten waarin we zelf geinvesteerd hadden, en van waaruit het comfortabel vissen was. Ik ben pas uit de club vertrokken toen ik in Mechelen ging wonen en de afstanden er een beetje teveel aan werden.
Spijtig genoeg zijn een aantal mensen van deze sympathieke bende al niet meer onder ons. Leo, ik vergeet je nooit, toen je op mijn kamer aan de Kyll in Duitsland lag te snurken als een os, na het vangen van de nodige forellen! Je had veel te vertellen, veel meegemaakt, en was altijd enthousiast... Lukske, stil en man van 't goe leven, 'jaloers' op de kleine vliegjes die we strikten, maar die hij zelf niet zo best kon zien. Altijd goe compagnie. En Daniël, de man met de fijne vingertjes die de perfectie nastreefden, die een rivier kon lezen al waren het de ogen van z'n vrouw, die mij het vliegbinden bijbracht en me leerde hoe je een rivier hoort aan te pakken. 't Is al lang geleden, dat je wegviel, maar je hulp werd erg gewaardeerd en is nog altijd gekoesterd.
Zo zijn er ook een aantal mensen in m'n erg directe omgeving die de druk van het leven niet meer aankonden en er bewust uitstapten. Teveel mensen...
En dus, zo sta ik vanmorgen weer eens stil bij mijn eigen kleine eindigheid, en hoe vlug het allemaal gaat. En daaruit put ik de hoop om eindelijk weer 's aan 't vissen te gaan...



dinsdag, november 04, 2008

Karperprimeur!



Alijn speelde het vorige week nog eens klaar om een ware onvervalste Belgische beer op de kant te leggen. Bij deze een primeur op onze blog! 28 kg spiegel schoon op de foto!
En dit is ook groot nieuws, de herdruk van het boek Karperblues komt eraan. We zijn keihard bezig aan de nieuwe vormgeving want het boek komt in een nieuw kleedje te zitten. Er zijn een hondertal extra foto's in verwerkt, alsook een nawoord bij elk hoofdstuk.
Vanaf 13 december (op de VBK-meeting) is het boek terug verkrijgbaar. De oplage is echter beperkt, dus is bestellen misschien handig.
Dit kan via: http://www.westerlaan-publisher.com/karperblues.html

maandag, oktober 20, 2008

Tim Troost proost!

Mijn hele hebben en houden verdwijnt in kartonnen dozen. Tijdens het opruimen voor m'n verhuis vond ik deze foto terug. En dan komen herinneringen boven. Tja, absoluut één van de gaafste karpers die ik ooit mocht fotograferen...
Tim Troost, want zo heette die vriendelijke Nederlandse kerel, hadden we ontmoet tijdens de begindagen aan Lac Du Der. Hij had die week een aantal leuke vissen gevangen, maar deze spande echt de kroon. Echter een niet zo typische vis voor dat meer, al zeg ik het zelf, want meestal zijn het ginds erg zwak beschubde spiegels en lederkarpers. Het gewicht was onbelangrijk, ik had nog nooit een driedubbele rijen gezien!... Hij, of zij, woog ergens over de 18 kilo. En dan vraag je je af, zoveel jaren later: "Zou jij nog leven schoonheid, en ben je niet een beetje verdikt?"...
Tim Troost schijnt na al die jaren nog altijd gedreven op karper te vissen maar wij hebben nooit meer kontakt gehad. Als je 't mocht lezen, Tim, het is nog altijd een supervis!...

dinsdag, oktober 14, 2008

Losschieter


Dit lang weekend zat ik met David in het hart van Nederland, hopend op een mooie snoek van een paar duizend hectaren groot water. Het weer zat alvast mee, het was erg rustig én vooral erg warm voor de tijd van het jaar. De zon deed ons genieten. We hadden een hotelletje dichtbij de waterkant gevonden en ook stalling voor de boot. Alles was piekfijn geregeld, erg relaxed op deze manier!
Helaas zagen de snoeken m'n kunstaas niet zitten want ik kreeg slechts twee aanbeten op drie dagen vissen. De ene aanbeet resulteerde in een lossertje, de andere in een kleine snoek. Ergens rond de 70 à 80cm.
David had héél wat meer geluk met vier vissen en een aantal losschieters. Eén van tegen de meter aan, een 102,104 en 106 cm. Ik kan er ook een paar centimeter naast zitten, want ik was geintimideerd. Werd compleet naar huis gevist... kwam er niet aan te pas. Het viel op dat alle gehaakte vissen vrij nipt gehaakt waren, en eer een groot aantal losschieters ware. Waren deze snoeken voorzichtig geworden? Lagen ze met de bekken stijf dicht? We visten stug door tot zondagmiddag allerlaatste minuut maar het werd zondagochtend niks meer. Volgende keer beter, of, dat hoop ik toch. Met drie metervissen in de boot is dit een perfect weekend, maar zo zie je maar hoe 'het niks vangen' je perceptie kan beinvloeden...
Misschien moet ik me maar eens op het snoekbaarsvissen storten... Of gaan karpervissen, dat zou nog eens iets nieuws zijn!


donderdag, oktober 02, 2008

Albertkanaal

Eind dit jaar verhuis ik, zélfs van werk, en laat Mechelen én Brussel aan z'n lot over en ga op het platteland wonen. En laat dat nou net in de buurt van het Albertkanaal zijn. Als straf kan je dit heus niet zien. Deze indrukwekkende waterweg (een erg drukke snelweg is béter) maakt op mij een enorme indruk. Na een paar stevige wandelingen is deze betonbak, die zowat de helft van België in twee snijd, in m'n kleren gaan kruipen en is er het verlangen om dit aan te pakken. Ik denk dat het voornamelijk komt door het erg heftig klotsende water dat maar moeilijk tot stilstand komt als er zo'n binnenvaartreus langs is gekomen. Het stroomt soms als gek en is troebel, behalve op zondag. Het ruikt er naar vis, voor wie het ruiken wil, en nog niet weinig! Het is zelfs zo dat m'n karpermicrobe terug toeslaat! Wie had dit gedacht?
Dat moet echter nog even wachten. Maar vorig weekend had ik na het leggen van een vloertje bij Marleen thuis nog een uurtje over. Met een vertikaalhengeltje en een doos shadjes in verschillende gewichtjes struinde ik wat langs de betonnen kaaien. Diagonalen vanaf de kant noemen ze dit in hengelsporttermen. 18 grams shadjes bleken mooi kontakt te houden met de bodem en ik voelde mooie mosselbanken tijdens het tikken op de bodem. Ik had al vrij vlug een leuke snoekbaars en mistte er later twee. Ze sabelden maar wat.
Het nodigt uit om méér, en dat komt nog. Volgend jaar woon ik er en wordt het grootste kanaal van België m'n thuiswater... Kan slechter, dacht ik zo?...
Als bijhorende fotoimpressie, hieronder een erg mooie van Phil Cottenier.

Dé boogschutter


Ik weet het, het heeft weinig met vissen te maken. Maar toch, zoals de vliegvisser graag z'n vliegje graag op de juiste tien vierkante centimeter presenteert, zo schiet de boogschutter graag raak. En dat deed hij!
Jan werd vorig weekend 2de op de Belgische Kampioenschappen Boogschieten Liggende Wip. En deze week 3de op de Proviciale Kampioenschappen! Bij de jongsten. Als dat geen puik resultaat is waarop we fier mogen zijn?!... Als 't dan geen echte visser word, dan liefst een goeie boogschutter!

woensdag, september 17, 2008

Lac Du Der

In de reeks Nostalgie gekatalogeerd: de eerste trip naar Du Der. Phil Cottenier en ik hadden in het voorjaar van '92 iets opgevangen over een groot Frans meer waar misschien enorme mogelijkheden lagen. Het sprak tot onze verbeelding en dus werd in de zomervakantie een trip gepland.
We vielen omver toen we ginds over de dijk stapten, want wij als kleine Belgen waren geen groot water gewoon. 50 hectare was voor ons al veel en dan slik je wel als er zo'n slok van zo'n 4.000 hectare voor jou ligt.
De tweede mogelijke stek die we aandeden verborg een paar karpervissers, en godverdomme, hier zat Lukske De Baets met aanhang... Dat was een hint, hier moest het zijn! Maar, we hadden geen zin in buurtzitten, dus reden we helemaal naar de overkant. Na enig gezoek en gepeil vonden we een mooie stek aan de rand van een ondergelopen bos. De boot kwam er niet meer aan de pas en we voerden boilies met onze throwing sticks, de stek vol én goed open (hmm, niet enkel Baetske vistte toen al zo...). Het werd nachtwerk en iedere nacht konden we meerdere mooie vissen zakken. Het was een succes, maar de extreme hitte was moordend voor de karpers. We voelden instinctief aan dat tijdens het najaar enorme vangsten zouden kunnen...
Oktober. We vierden er allebei onze verjaardag. Phil op de derde en ik de zesde. In de modder. Wat was dat behelpen. Tegenwoordig zit iederen goed ingepikt te kamperen langs de waterkant maar toen leek het meer op een modderbad annex vermageringskuur/dieet. Pionieren, dat was het. En de actie, het ongewone wat nu zo gewoon is, deed ons verlangen naar nog méér.
We vingen ons te pletter, het stopte niet, dag en nacht. En hoe meer we met onze werppijp voerden, hoe meer vis we vingen.
Eén nacht hoorde ik Phil herhaaldelijk naar me roepen. Ik had een run, riep hij! Ik werd wakker en besefte dat ik al stond te drillen, al slapend... En naast me gilde een andere Optonic het uit en ik hoorde het niet meer. Zo vermoeiend dat karpervissen...
Aan de overkant zat Kevin Maddocks, die behoorlijk veel ving, en er uiteindelijk een film over maakte. Zo ongewoon was het niet, wij hadden er nog veel meer. Als ik me goed herinner, een goeie ton karper in zes dagen vissen. De agenda waar dit alles in genoteerd stond is al lang verloren, de vangsten ietwat vervaagd, en ach, wat maakt het uit. De grootste vissen waren een goede 19 kilo, absolute bakken in die periode.
Toen we terug thuis waren en het onze vrienden vertelden - ik herinner me het verbaasde gezicht van Darwin nog- geloofde niemand ons... Velen zouden ons volgen. Ik ben er pas 10 jaar later eens terug geweest.




dinsdag, september 16, 2008

Oostenwind in de polder

Zaterdag ging ik met Fons een dagje stappen in de polder. Hij had het weekend ervoor erg goed gevangen tijdens die stormachtige zaterdag. De wind had duidelijk in z'n voordeel gespeeld want nu lag de ganse polder zowat dicht met kroos. Erg mooi hoor, maar om te vissen... Dan maar op zoek naar enkele open stukjes die noord-zuid gericht lagen, en waar het kroos opgestuwd lag. De voorspelde oostenwind was er niet echt en het was heerlijk toeven. 's Morgens was het rustig, hier en daar een snoek en een aantal baarzen.
Het ging op Fons' spinners heel wat gemakkelijker dan op m'n beproefde streamers. Iedere aanbeet was vis voor hem, ik moest het echter stellen met niet gehaakte vissen, met gemene staartbijters. Ik kreeg zo'n mooi zelfgemaakt Schreiner-spinnertje cadeau en daar bleven ze wél aan hangen. Tot ik het spinnertje zelf in een boom hing. Fons had gelukkig een gans assortiment bij.
Kortom, op de weinige bevisbare plekjes had Fons een zestal snoeken en ik had er drie. Als ik het goed voor heb waren er een paar die een héél eind in de zeventig waren. Mooie vissen voor de polder dus!
Op enkele stekjes wemelde het van de baarzen, we hadden er elk misschien wel tien met zelfmoordneigingen.
De stelling die ik 's middags formuleerde en waar Fons zo hartelijk om kon lachen was: 'Tijdens oostenwind vliegen de gebraden kiekens niet in je mond'. Die stelling ging dus vandaag niet echt op want er was nauwelijks een briesje.
De vooravond was nog goed voor een bezoek aan het ons welbekende cafeetje, een uitsmijter en twee bier kon er wel in voor we terug naar huis karden. Merci, Fons, en ik ben jaloers op je ragfijne Fairplay-hengeltjes!

dinsdag, september 09, 2008

Anderjans vakantie

Ja, als je zelf nauwelijks gaat vissen en er voorlopig niks over te vertellen hebt, wat doe je dan? Wel, je vergapen aan andermans vakantiefoto's! Jan Walravens trok met z'n vriendin naar Vancouver om vandaaruit in drie weken in Calgary te belanden. En nu en dan wat te vissen met de vliegenhengel. Zalmen en regenboogforellen waren de klos. Niet mis. Ik was gisteren onder de indruk van z'n vakantiefoto's waarvan u hieronder een korte, mooie impressie ziet... Een zeehond die net een zalm te pakken heeft, een prachtige maar levensgevaarlijke pool, een ruim zicht op de eindeloze natuur en, uiteindelijk een verzopen Jan...